MOPSHOND
Vroeger leefde er in Oost-Azië een klein, kortharig hondje met een stompe neus en een over de rug gekruld staartje, de zogenaamde "Ha-Pa". Dit is de stamvader van onze Mopshond. Door de handelsbetrekkingen van Nederland met
Oost-Azië kwamen deze "Ha-Pa's" naar ons land, maar ook naar Portugal en Frankrijk. In deze landen werden ze erg populair en daarna in geheel Europa.
Ook verkeerde hij aan verschillende vorstenhoven waar hij met veldheren mee ten strijde trok. Ook Napoleon Bonaparte had een Mopshond genaamd "Fortune".
In het midden van de 19de eeuw kwam de mopshond via Nederland in Engeland terecht, geïmporteerd door handelaars van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. De Mops werd al snel bijzonder populair in Engeland bij dames uit hogere kringen. Het ras werd voor het eerst erkend door de Amerikaanse Kennel Club in 1885. intelligent, trouw en aanhankelijk. Een uitstekend huisdier.
Men noemde de Mopshond in Nederland ook wel "Hollandse Bulldog" of "Dutch Mastiff". In Engeland is hij bekend onder de naam 'Pug", in Frankrijk noemt men hem "Carlin" en in Duitsland "Mops". Uitdrukkingen met het liedje "Toen onze Mops een Mopsje was" herinneren aan zijn bloeitijd hier.
De Mopshond is ten eerste een echte huishond die zich erg graag onder de mensen bevindt. Hij vindt het heerlijk om overal mee naar toe te mogen. De Mopshond is een hond die rustig en zeker niet te hard mag worden benaderd, maar wel consequent moet worden opgevoed.
In het begin is de speelse Mops wel een beetje druk, omdat ze zeer energiek zijn. Maar hoe ouder ze worden, des te rustiger.
Hij knort, is grappig-koppig en lichtgeraakt, zeer moedig en kan oud worden. Ook is de Mops een echte kindervriend en zeker niet agressief naar mensen of soortgenoten toe. De visite wordt meestal luidruchtig onthaald, want de Mops "waakt " wel over huis en hof. Zij zijn blij met ieder bezoek.
Een mops heeft een groot, zwaar hoofd, rond maar niet appelvormig, met een korte, stompe, vierkante snuit en diepe rimpels op het voorhoofd. De mooie donkere, grote ogen kunnen je vaak heel meewarig aankijken. De mopshond heeft een vierkant en compact lichaam, vaak omschreven als multum in parvo (veel hond in weinig ruimte). Een mops is dan ook kort en gedrongen, breed bij de borst en voorzien van ver naar achteren lopende, stevige ribben. De staart is zo strak mogelijk gekruld en wordt over de heup gehouden, een dubbele krul is helemaal perfect. De vacht van een mopshond is gladde, zacht en glanzend.
Een mops is er in de kleuren t.w. zwart en beige (fawn), waarbij in de beige variant soms de nuances zilver en abrikoos voorkomen (deze kleurnuances kunnen niet gefokt worden). Elke kleur moet zuiver zijn om de aftekeningen goed tot zijn recht te laten komen, zoals het zwarte masker, de duimafdruk op het voorhoofd en (naast de krulstaart en de platte snuit) het andere karakteristieke punt van de Mopshond, namelijk de aalstreep(zwarte streep van de achterhoofdsknobbel tot aan de staartpunt).
groetjes Henk en Monique van der Tweel
|